zondag 6 augustus 2017

Lichtspel in de lucht

Van de week fietsten we na een buiige dag een avondrondje over het Dwingelderveld. Er was weer van alles te zien. In de lucht deze keer...


Het leek een standaard-avond te worden.
De Zon scheen laag over de velden en zorgde voor mooie kleuren.


Het was Eerste Kwartier, precies een week voor Volle Maan.


Toen de Zon bijna onder was, zag ik links ervan een bijzon verschijnen.


Je ziet hem precies achter de zwaluw.


Even later waren er drie!
Heel goed kijken: links van de Zon, evenveel rechts ervan en midden erboven,
die lichte vlek in de rand van de wolk.
Een zeldzame verschijning en altijd weer mooi om te zien.

Precies tien minuten later zag de lucht er totaal anders uit.

Het was weer genieten.

donderdag 20 juli 2017

Een westerling in Drenthe

Dat heb ik natuurlijk weer:

We waren bijna thuis, zo rond half elf in de avond, toen er midden in Ruinen een schaap midden op de weg stond.
Natuurlijk stopte ik meteen. We stapten uit (dat kan zonder problemen rond die tijd) en liepen naar het dier toe.

Het bleek een ram te zijn, met een lang touw om zijn nek.
Hij stond daar met een houding van: "Help, wat doe ik hier en waar moet ik naartoe?"

Dierenvrienden als wij zijn, wilden wij deze meneer natuurlijk best helpen.
Maar wat te doen?
De lichten in bijna alle huizen waren uit, en wij kenden Ruinen nog niet goed genoeg om te weten wie er allemaal schapen heeft. We wisten ook geen schapenwei in de buurt en het leek ons niet waarschijnlijk dat het dier van een van de twee kuddes op het Dwingelderveld afkomstig was.

We vonden toch een huis waar de lichten nog brandden.
Terwijl ik me over de ram ontfermde, belde Henny aan. Een aardige vrouw deed open, maar zij kon ons niet verder helpen. Ze had wel een idee, maar in het huis van de mogelijke eigenaar brandde geen licht meer. Het ging om een buurvrouw die wel eens schapen in haar tuin laat lopen.

Wat te doen?
Henny, opgegroeid in een agrarische omgeving, zei dat ik het beest gewoon aan een boom moest binden. Ze zouden het de volgende morgen wel vinden. De Runers kennen iedereen, dus de eigenaar zou rap ingelicht worden.

Dat zag ik niet zitten: je laat een verdwaald schaap toch geen hele nacht aan een boom staan?
Maar wat dan?
Ik besloot de politie te bellen. Ik dacht dat als ik hen het oornummer doorgaf, zij de eigenaar wel zouden kunnen achterhalen.


Toen ik na een paar minuten de politie aan de lijn kreeg, leek ze dat ook een goed idee. Of ik mijn nummer achter wilde laten, dan konden zij me bellen als ze meer wisten.
Ze zouden ook een auto sturen. Waar ik ongeveer stond? : "Tegenover de Coop", zei ik. Dat gaf ze genoeg informatie.

De ram leek het allemaal geweldig te vinden. Hij bleef gezellig bij me.


Afijn, ik besloot op de politie te wachten.
Henny daarentegen zag dat helemaal niet zitten. Het was inmiddels elf uur geworden en ze vond het allemaal maar onzin. Ze wilde naar huis. (Ik ook, maar ik kon dat dier toch niet zo alleen laten?)

Er kwam een mevrouw langs fietsen. Henny schoot haar meteen aan. Haar buurman bleek boer te zijn. Die zou vast wel weten wie de eigenaar was.
Ze zou het hem vragen (als er nog licht brandde).


Ik bleef een beetje met het dier rondlopen. Hij vond het prachtig: zo nu en dan knabbelde hij wat aan een heg, aan het lange gras rond de boomstammen of aan mijn broek en wisselde dat af met kopjes geven. Lief toch!!!

Na een minuut of tien kwam de boer in zijn auto aansjezen. Hij bekeek het dier en wist toen waar het thuis hoorde. Hij zou er wel even naartoe gaan. Wilde ik nog even wachten?
Natuurlijk wilde ik dat!

Henny wilde dat niet en ging met de auto naar huis. Ze zou wel opblijven tot ik kwam....

Daar stond ik dus, midden in de nacht met een ram aan een touw, wachtend op de politie en/of de boer...
Gelukkig was het lekker weer.


Na een minuut of tien kwam de boer aanfietsen. Het was me niet helemaal duidelijk of hij de eigenaar nou wel of niet had gesproken, maar hij troonde mij (en de ram) mee naar de achtertuin van - inderdaad - de buurvrouw van die eerste mevrouw.
Het bleek dat het ram zijn touw van de pen (stikke) had getrokken. Wij gingen dus in de stikdonkere tuin op zoek naar de stikke.
We zagen op een gegeven moment een waterbak staan. Als je dan weet hoe lang het touw is, weet je in ieder geval waar die pen níet staat...
Dankzij de lampjes in onze mobieltjes vond ik op een gegeven ogenblik de pen, en toen was het avontuur snel voorbij.

Ik bedankte de boer en liep naar huis, onderwijl de politie bellend (dat mag gelukkig nog wel: lopend bellen) dat het schaap weer thuis was en dat de agenten naar een belangrijkere melding gestuurd konden worden.

Thuis gekomen schonk Henny nog wat lekkers in en hebben we hartelijk om het voorval gelachen.

De volgende keer dat we zo'n ontmoeting hebben, zoek ik meteen een boom...

woensdag 19 juli 2017

Vlinders in Frankrijk

Het valt niet mee om een geweldige kampeervakantie in een paar blogs samen te vatten. Dat ga ik dus ook niet doen.

Henny is bezig met een mooi verslag. Kijk daar maar eens...



Wél wil ik je laten meegenieten van de vlinders en andere insecten die we hebben gezien.

We hebben talloze blauwtjes gezien.
Dit is er een van.


De geelbandlangsprietmot (Nemophora degeerella) is het nachtvlindertje met de langste antennes in Europa.
Het beestje zelf is nog geen twee cm, maar de antennes van het mannetje zijn zeker vijf cm lang.
(Henny heeft deze foto gemaakt.)

De vlinder die de grootste indruk op ons maakte, was de grote weerschijnvlinder (Apatura iris).
De binnenkant van de vleugels lijkt saai zwart, tot de Zon er op schijnt: dan zie je de prachtigste kleuren verschijnen.


 Klik voor het filmpje

In dit filmpje zie je er een vocht halen uit een hondendrol.


Op het eerste gezicht lijkt dit ook een grote weerschijnvlinder.
Het is echter de kleine ijsvogelvlinder (Limenitis camilla).


Zo ziet de onderkant van de vleugels (van de kleine ijsvogelvlinder)  eruit.

Het groot geaderd witje (Aporia crataegi).


In het toiletgebouw van de camping in de Jura zat een enorme hoeveelheid nachtvlinders. Ik heb er drie op de foto gezet. De opnames zijn niet geweldig, maar ze geven wel een indruk van de diversiteit aan nachtvlinders.

De bonte bessenvlinder of harlekijnvlinder (Abraxas grossulariata).


Het rozenblaadje (Miltochrista miniata).


De sneeuwwitte vedermot, vijfvingerige vedermot of witte vedermot (Pterophorus pentadactyla)


Het dambordje (Melanargia galathea) (hier het vrouwtje) is ook zo'n vlinder die er van boven heel anders uitziet dan van onder. Kijk maar op deze foto's:

Het vrouwtje van boven...

...de onderkant erbij...


...vrouwtje boven, mannetje onder...


...vrouwtje boven, mannetje onder.


De gewone bronlibel (Cordulegaster boltonii).


Deze kon ik niet thuisbrengen.


Tijdens een wandeling kruiste deze veldkrekel (Gryllus campestris) ons pad.


Regelmatig liepen we in een wolk vlinders, net een sprookje.


Geen idee welke soort dit is.

Eén paadje was vochtig en daar lagen een paar plasjes. Daar maakten talloze vliegjes gebruik van.

Het groot dikkopje (Ochlodes sylvanus), een dagactieve nachtvlinder.


Een verrassing: in de tuin van de boeddhistische tempel zagen we deze koningspage (Iphiclides podalirius).


Tijdens een koffiestop richting Trier vond Henny deze Blauwzwarte Houtbij (Xylocopa violacea) in de lathyrus.


Tijdens een andere stop zagen we een hele groep keizersmantels (Argynnis paphia) op wat braamstruiken.
Steeds als het begon te regenen, vlogen ze de bomen in om te schuilen.
Zodra de Zon weer tevoorschijn kwam, kwamen ze als vallende blaadjes weer naar beneden om van de nectar te snoepen.






Bijna overal waar we waren, zowel in het veld als in steden, zagen we grote aantallen vuurwantsen (Pyrrhocoris apterus).
De grote met de "Afrikaans maskers" zijn de volwassenen, de andere zitten in een van de jeugdstadia en heten dan nog nimf.

maandag 3 juli 2017

Bijzondere ontmoetingen in Frankrijk

Zo, we zijn weer terug. We hebben de afgelopen bijna drie weken heerlijk gekampeerd in Frankrijk.
Natuurlijk hebben we heel veel gezien en heel, heel veel, foto's gemaakt.

Een aantal verschijnt nog wel in onze blogs.

Een specifieke ontmoeting wil ik nu vast met jullie delen, omdat wij hem heel bijzonder vonden.

Het gebeurde in de Bourgogne, om precies te zijn in de etang van Joke en Fred, waar we op de camping stonden.

Op een middag liepen we op ons gemak langs het meer, toen we iets vreemds zagen: in het water, vlak bij de oever, aan een tak, lekker in de zon, hing een bol van zo'n 15 cm doorsnee.

Nieuwsgierig als we waren, haalde ik de tak voorzichtig naar boven. De bal ging mee en bleef zelfs boven water aan de tak hangen.
De bal was bruin-geel en een beetje doorzichtig. In eerste instantie dachten we aan een ei-klomp van vissen of slakken, maar daar was hij te groot en te stevig voor. Bovendien klopte de structuur ervan niet.

De bol voelde stevig aan, was niet slijmerig maar gaf wel mee als je er voorzichtig in kneep.
We hadden geen idee wat het was.

Toen we verder rondkeken, zagen we dat er aan meer takken dit soort structuren hingen. Niet zulke mooie bollen als deze, meestal vormeloze klompen.

Hier wat foto's:

Het meertje.


De raadselachtige bol.


Hier zie je dat er structuren in zitten.

Een klomp aan een tak.

Op het droge bleef de vorm intact.


Hier zie je goed dat er stervormige structuren aan de oppervlakte liggen.
Verder was er weinig aan te zien.
Er bewoog niets, het leek absoluut niet op eitjes.


Het lijkt wel een opgerold worstje.

Toen we Fred en Joke over onze vondst vertelden, begrepen ze wat we bedoelden, maar ze konden ons niet wijzer maken. Bij het stadhuis in het naburige dorp hadden ze hen verteld dat het algen waren. Dat leek ons niet.

Thuis gekomen, doken we meteen het internet op. Het viel niet mee: als we Google lieten zoeken naar foto's die op de bol leken, kregen we vetbolletjes voor vogels te zien, en de andere structuren leverden ook niets op.
Ik had geen flauw idee waar ik het antwoord moest vinden.

Ik probeerde het vissenforum van waarneming.nl. Daar vertelden ze me dat het beslist niets met vissen te maken had. Ze adviseerden me om het op het slakkenforum te proberen. Daarnaast kwam Henny met het idee om het voor te leggen in de diersporengroep van Facebook.
Ik volgde beide suggesties op en kreeg op beide platforms vrijwel direct het antwoord:

Het zijn kolonies van waterzakmosdiertjes (pectinatella magnifica).
Mosdiertjes zijn een soort minipoliepjes die met hun vangarmen algen uit het water zeven en dat opeten.
Deze soort vormt kolonies tot wel twee meter groot!

De soort is inheems in Noord-Amerika en is hier een exoot. In Nederland is hij in 2004 voor het eerst gezien, in de rivier de Hunze (die stroomt door Groningen en Drenthe).
Ze gedijen het best in water van 16 graden of meer. In kouder water valt de kolonie uit elkaar. De beestjes kunnen wel overwinteren.
Als je er meer over wilt lezen: hier en hier staan interessante artikelen en foto's.

Toen we een paar dagen later op een avond lekker op het bankje aan het meertje zaten te kijken, zagen we aan de overkant nog een andere exoot (dit keer uit Zuid-Amerika) zwemmen: een beverrat. Ook interessant, maar (voor ons) lang niet zo bijzonder als de buitenaards aandoende waterzakdiertjes.

De beverrat is (zonder staart) rond de 60 cm lang.
Daar komt dan nog de staart van tegen de 40 cm bij.
De staart is rond en daardoor kun je hem gemakkelijk onderscheiden van de echte bever die een platte staart heeft.


Ook zijn witte snuit en snorharen zijn kenmerkend.



De beverrat is een onwelkome gast omdat hij met zijn gegraaf waterwerken behoorlijk kan beschadigen.

Zo, hier laat ik het even bij.
Onze andere bijzondere ontmoetingen komen later aan bod.

dinsdag 6 juni 2017

Eens iets anders: navigatie-apps vergeleken

Ik heb vanochtend vijf gratis navigatie-apps, vlak na elkaar de route naar dezelfde bestemming laten uitrekenen.
Onderweg stond er een file van een half uur.
Wie gaat daar het best mee om?
Wat zijn nog meer de verschillen?


Waze



Waze gebruikt de informatie die 'Wazers' tijdens het rijden genereren.
Ik vind Waze erg goed. De (eigen) kaarten zijn heel erg actueel, de routeberekening is snel en de route is logisch.

Gijs, de man met de vriendelijke stem, is een aangename gids. Hij noemt geen straatnamen. Je kunt ook Jaap kiezen, die noemt ze wel.

De snelste route is hier 1.28 uur, en loopt via de A12 omdat er op de A28 tussen Amersfoort en Urtecht een half uur file staat.

Als je langzamer rijdt dan op dat wegvak gebruikelijk is, vraagt Waze al snel of je in de file staat.
Als er meerdere Wazers op dat wegvak rijden, snapt Waze ook zonder te vragen dat er iets aan de hand is.

Waze werkt wel zonder internet, maar als je ook de route zonder internet plant, lijkt het alsof hij dan een (niet volledige) basiskaart gebruikt: je moet soms grote stukken over grote wegen rijden, terwijl hij je, als er internet was geweest, binnendoor gestuurd had.

Je kunt gevaarlijke situaties melden, evenals snelheidscontroles, wegopbrekingen en andere ongemakken.
Je kunt ook mensen laten weten dat je onderweg bent, waar je bent en hoe laat je aankomt.
Dat kan Google ook, en daar gaat het wat makkelijker (vind ik).


Google Maps Navigator




Het voordeel van Google Maps is dat het heel goed samenwerkt met andere Google-producten (contacten, agenda).

De verkeersinformatie is soms erg accuraat (mede dankzij de heel veel mensen met een Android smartphone) maar soms helemaal niet. Zo duurde het vorige week ruim een kwartier voor het door had dat er een file stond. Waze deed dat binnen een minuut.

Google geeft soms meldingen vanuit Waze door (Waze is een paar jaar geleden door Google gekocht). Voorbeelden: meldingen van ongevallen en wegwerkzaamheden. Ik kan echter niet merken dat Google er ook iets mee doet.

Merkwaardig: in dit voorbeeld laat Google je een half uur in de file staan want het vindt geen alternatief.
Wat weet Google dat Waze niet weet?

Je kunt Google routes alleen plannen als je een internetverbinding hebt. Daarna kun je de kaart van de route downloaden en zonder internet gaan rijden.

De dame die mij vertelt hoe ik moet rijden heeft een uitermate irritante stem, vind ik.
Ze praat ook heel veel.
Een voorbeeld: bij afrit 1 op de A37: zegt Waze: "sla over 1200 meter rechtsaf". 
Mevrouw Google zegt: "Neem over een kilometer afrit 1 bord Hoogeveen Oost Hollandscheveld Noordscheschut U32".


Navmii




Navmii maakte gebruik van Open Street Map, een open source kaart die meestal erg actueel en nauwkeurig is.
Doordat de kaarten op de smartphone staan, kan Navmii helemaal zonder internet werken.
Je kunt er voor kiezen om wel internet te gebruiken, dan heb je verkeersinformatie en past het de routes zo nodig aan (in dit voorbeeld had ik die optie uit staan).

Karta GPS




Karta GPS jonge app en werkt ook met Open Street Map kaarten. Het berekenen van een route duurt hier aanzienlijk langer dan bij concurrenten Navmii en OsmAnd en het advies voor deze rit wijkt nogal af van de andere apps.
Daarnaast kan hij Alkmaar en Amsterdam niet goed spellen. Vreemd, want Navmii, dat dezelfde kaarten gebruikt, kan dat wel.
Het scherm ziet er wel mooi uit.

OsmAnd+


Hoewel OsmAnd+ een prima app is om wandel- en fietsroutes te loggen, vind ik het als navigatie-app geen prettig programma. Jouw positie staat midden in het scherm, de informatie is haast hinderlijk aanwezig en mevrouw Google geeft de aanwijzingen.

OsmAnd+ gebruikt ook Open Street Map, maar heeft veel meer opslagruimte nodig dan bijvoorbeeld Navmii en Karta GPS.



Conclusie: In Nederland is Waze voor mij nog steeds de winnaar, hoewel ik, uit pure gemakzucht, ook regelmatig Google Maps gebruik.

In het buitenland (tot 15 juni, want dan betaal je binnen de EU niet meer voor roaming) doet Navmii het werk voor mij.

Lichtspel in de lucht

Van de week fietsten we na een buiige dag een avondrondje over het Dwingelderveld. Er was weer van alles te zien. In de lucht deze keer... ...